Josiane Van der Elst

CV
- Geboren in 1959 in een middenstandsgezin met drie kinderen.
- Gehuwd, geen kinderen.
- Afgestudeerd als biologe aan de VUB in 1981.
- Actief in de IVF wereld sinds 1986: eerst als doctoraatsonderzoeker (1986-1992), dan als dientshoofd van de IVF laboratoria UZ Gent (1996 – 2006) en momenteel diensthoofd van de IVF laboratoria UZ Brussel (2006 – ).
Deze job van diensthoofd van IVF laboratoria aan universitaire ziekenhuizen is gebouwd op 4 grote pijlers:
- management van het IVF labo en in het bijzonder kwaliteitsmanagement
- onderzoek in embryologie ( ervaring in onderzoek over embryo cultuur, invriezen van eicellen, embryo’s en ovarieel weefsel, pre-implantatie genetische diagnose (PGD), klonen en embryonale stamcellen
- wetenschappelijke en maatschappelijke dienstverlening zoals referee voor beroepstijdschriften, deelname aan adviesraden, het geven van voordrachten voor het brede publiek, opvolgen van Belgische en Europese IVF wetgeving, interviews met pers en media, column in Knack
- finaal, onderwijs als professor verbonden aan zowel UGent als VUB.
Mijn voornaamste beleidsoptie bij aanvang van mijn job als diensthoofd IVF laboratoria aan het UZ Brussel in maart 2006 was en is het vormen van IVF netwerken met andere belgische IVF centra. Een eerste concreet voorbeeld daarvan is het op gang brengen van een belgisch PGD netwerk waar patiënten IVF behandeling volledig in de kliniek van hun keuze kunnen hebben en waar alleen een tweetal weggenomen cellen van het embryo getransporteerd worden naar het UZ Brussel voor de genetische diagnose.
Waarom heb je besloten deel uit te maken van de adviesraad
Uiteraard is er de professionele invalshoek vanuit mijn vakdomein van de menselijke embryologie. Maar het gaat verder dan dat omdat het leven van de embryo’s verder reikt dan onze labodeuren want uit embryo’s groeien kinderen. De samenleving zal nooit meer dezelfde zijn sinds de eerste IVF baby zijn intrede deed. Dit nieuwe spel van het leven interesseert mij minstens evenzeer dan het embryologische proces van het leven. En verder ben ik in de eerste plaats vrouw en dan embryoloog.
Wat hoop je dat De Verdwaalde Ooievaar kan bereiken
Dat de IVF patiënt als een totaalproject wordt benaderd met focus op zowel de klinische en laboratoriumaspecten maar evenzeer ook de sociale, financiële, juridische, psychologische en zelfs artistieke aspecten. En dit ook in een golf van opvolging want er zijn nu IVF generaties ontstaan.
Een dergelijk multivalente en langwerkende aanpak kan een sterke werkgroep creëren die als woordvoerder voor de Belgische patiënten kan fungeren op nationaal en Europees vlak.
Hoe denk je daartoe bij te dragen
In de allereerste plaats door inbreng vanuit eigen professionele hoek, zoals het toelichten van laboratoriumtechnieken, het schetsen van evoluties op niveau van embryologie en onderzoek teneinde tot een demystificatie van IVF te komen. Dit moet wel kunnen gebeuren tussen het volk en niet vanuit de academische toren van de universiteit. Patiënten hebben het recht in een begrijpbare taal te worden ingelicht door professionals maar wel in een omgeving met een lage instapdrempel. Het lijkt mij een goede vorm van “dienstbetoon” de “IVF politiek” bij de mensen te brengen.
Wat is volgens jou de meerwaarde van een netwerk rond vruchtbaarheid in België ?
Netwerking is ook persoonlijk mijn belangrijkste beleidsoptie. De IVF wereld is qua aanbod van technologieën nu goed uitgewerkt en de Belgische centra bieden kwaliteit. Sommige technologieën zoals bepaalde vormen van PGD duren echter zo lang om uit te werken of zijn zo duur dat het gezondheidseconomisch niet verantwoord is alle gespecialiseerde types van behandelingen in alle IVF centra aan te bieden. Bij netwerking komt dus verwijsbeleid te zien, de moed hebben met de patiënt te zoeken naar de beste plaats voor zijn specifieke behandeling. Dit sluit aan bij mijn visie op het leven in een maatschappij. Het vrije denken van het individu staat hoog aangeschreven maar het collectief belang mag niet lijden onder het liberaliteitsstreven van enkelingen. Dit betekent niet dat iedereen gelijk moet zijn, de klassenloze maatschappij is een utopie maar” respect” , ook voor de zwakste schakel, is een minmum. De maatschappij is zoals een spinneweb waar het web breekt als er draden loskomen.