Jij bent geadopteerd!

Hoe vertel je een kind dat het geadopteerd is? Wanneer het om een interlandelijke adoptie gaat, zal het al vlug duidelijk zijn voor het kind dat het anders is dan jullie, de ouders.
Ook kunnen de kinderen op school snel zijn met te zeggen dat je ouders niet je echte ouders zijn…
Hieronder een samenvatting van een handig boekje over alle stappen in een adoptieprocedure. Geschreven door dé autoriteit in adoptieland en gerecenseerd door een adoptiemoeder/schrijfster, Dido Michielsen.
Femmie Juffer: Adoptiekinderen, Opvoeding en gehechtheid in het gezin
Uitgeverij Boom, Meppel
ISBN 90 5352 3405
Als je met adoptie bezig bent, vind je in de boeken over dit onderwerp nooit precies datgene waar je naar zoekt. Het totale proces, inclusief alle procedures, wetgevingen, mogelijkheden en groeistuipen, wordt meestal in vogelvlucht behandeld, terwijl je als meer dan geïnteresseerde lezer dikwijls behoefte hebt aan de uitdieping van één specifiek onderwerp. En dat is weer afhankelijk van de fase van het proces waarin jij je op dat moment bevindt.
Een boekje van slechts 170 pagina’s dik (inclusief ‘adressen’) lijkt dan ook bij voorbaat al te luchtig om enige substantiële en nieuwe informatie te bieden. Zelfs al is het geschreven door Femmie Juffer, zoals elke adoptieouder weet, een autoriteit op dit gebied.
Niet-betuttelend
Na lezing van ‘Adoptiekinderen’ blijkt echter dat in het beperkte aantal pagina’s zóveel boeiende informatie verpakt zit, dat je het boekje graag met Kerstmis cadeau had gedaan aan grootouders, tantes, ooms en mogelijk aspirant-adoptieouders. Het zit ‘m vooral in de prettige toon van het boek. De reeks ‘Rondom het kind’ heeft een wetenschappelijke invalshoek en dat heeft in dit geval geleid tot een afstandelijke en goddank nooit betuttelende schrijftrant, die efficiënt en zonder omhaal vertelt waar het op staat.
Het emotionele aspect zit ‘m in de gecursiveerde ervaringen van adoptieouders en -kinderen. Zoals bijvoorbeeld deze anekdote:
Miriam, twintig maanden oud, was tot onze verbazing al zindelijk toen ze bij ons kwam. Maar een paar dagen later deed zij het voor het eerst in haar broek. Bang verschool zij zich, waarschijnlijk uit angst voor straf. Maar toen wij deze keer en ook de volgende keren niet met schelden en klappen reageerden, begon zij het bij het spelen vaak in haar broek te doen. Daarom kocht ik luiers en trok haar deze aan. Zij scheen de luiers zo chic te vinden dat zij ze niet meer nat wilde maken.
Nieuwe benadering voor “Hoe vertel ik het”
‘Adoptiekinderen’ behandelt eveneens het totale adoptieproces, van de voorbereidingen tot en met de jonge volwassene die wel of niet op zoek gaat naar z’n roots. Er wordt niet geromantiseerd, noch gedramatiseerd. De meest waardevolle hoofdstukken voor adoptieouders zijn waarschijnlijk die over gehechtheid in het gezin, de opvoeding en het vertellen over de adoptie aan je kind.
Hoewel tegenwoordig algemeen geaccepteerd is dat je je kind vertelt dat hij of zij is geadopteerd (hoe zou je het ook kunnen verzwijgen als je kind een andere huidskleur heeft dan jij), werpt Juffer ook de mogelijkheid op om niet te wachten tot het kind zelf met vragen komt: je zou het hele adoptieverhaal ook een gewoon onderdeel van de peutertijd kunnen maken, zodat het een onbeladen onderwerp wordt waarover iedereen vrij durft te praten. Ik kan mij niet herinneren dat deze benaderingswijze tijdens de verplichte voorlichtingscursus de revue is gepasseerd.
Vanzelfsprekend komen ook de probleemsituaties aan bod, evenals het omgaan met ongewenste kinderloosheid. Het boekje is zeker niet altijd opwekkend, juist omdat je beseft dat er zoveel dingen zijn waar een adoptiekind mee zal worden geconfronteerd – en dat je je kind er niet voor kunt behoeden. Maar de reacties van ouders en kinderen laten zien dat het geen onoverkomelijke problemen hoeven zijn, ook al kun je het ene adoptiekind nooit met het andere vergelijken, zo verschillend zijn de individuele omstandigheden