Eindsprint van de spermacel
Wetenschap Duitse en Amerikaanse onderzoekers hebben ontdekt dat spermacellen een eindsprint inzetten als ze bij een rijpe eicel in de buurt komen. Dat staat in een publicatie in Nature waar NRC Handelsblad vandaag over schrijft. Het sprintvermogen danken de spermacellen aan het hormoon progesteron. Dat maken ze niet zelf, het komt van de eicellen.
Die eindsprint, aan het eind van een voor spermacellen uitputtende zwemtocht door vagina, baarmoeder en eileider, was wel eerder gezien. Het vermoeden bestond ook al dat de eicel het allemaal zelf regelde met het vrouwelijke geslachtshormoon. Maar moleculair viel het allemaal niet uit te leggen, schrijft redacteur Huup Dassen vanmiddag in NRC Handelsblad.
Dat kwam doordat er steeds is gezocht naar een klassieke bindingsplaats voor progesteron op het oppervlak van de spermacellen. Die zogenaamde receptor voor progesteron hebben spermacellen niet. Nu blijkt dat het hormoon toch bindt, en wel aan een kanaalvormig eiwit. Dat eiwit (CatSper) is een ionenpomp die alleen in zaadcellen voorkomt. Als progesteron eraan bindt, stromen er calciumionen de spermacel in, wat nodig is om sneller te zwemmen.
De vondst kan een nieuw voorbehoedmiddel opleveren. De onderzoekers zochten en vonden namelijk moleculen die CatSper blokkeren. Dan verliezen de spermacellen abrupt hun beweeglijkheid, zodat ze waarschijnlijk nooit bij de rijpe eicel zullen arriveren. Misschien zijn er, omgekeerd, mannen onvruchtbaar door slecht zwemmend zaad die juist door stimulatie van CatSper weer vruchtbaar worden.
Het geslachtshormoon progesteron is het bekendst van zijn rol in de menstruele cyclus. Nadat, tijdens de (meestal) maandelijkse eisprong, een gerijpte eicel uit de eierstok in de eileider is aangekomen, zorgt het hormoon ervoor dat het baarmoederslijmvlies groeit, zodat het klaar is voor een bevruchte cel die zich wil innestelen.
Referentie
17 maart 2011
nrc handelsblad
door David Haakman