Dit las ik vandaag in de krant Het Nieuwsblad en ik vond het online hier terug:
http://www.cdenvsenaat.be/index.php?id=28&nid=1461
Ik begrijp niet goed hoe dit mogelijk is? Iemand?
Toen ik hem uit zijn bedje pakte, werd ik zijn mama. Els Schelfhout vertelt in Het Nieuwsblad hoe ze in een Congolees weeshuis haar hart verloor aan Cadetje
(10-01-2009)
Met drie kinderen was het gezin van Els Schelfhout (41) compleet. Tot ze met een parlementaire missie naar Congo trok en gegrepen werd door de blinkende ogen van een baby zonder naam. Cadetje bleef haar achtervolgen. 'Het idee dat zo'n pienter en begaafd kindje geen enkele kans zou krijgen, daar kon ik echt niet tegen.' Cadetje heet inmiddels Emile, is dertien maanden en woont nu twee weken in België. 'Ik weet het hoor, het is een druppel op een hete plaat, maar moest ik hem daarom die ene kans op een toekomst ontzeggen?'
Ze is helemaal de mama vol zorgen voor haar jongste spruit. Ze heeft hem op de arm wanneer ze de deur opendoet en vertroetelt hem met koekjes en mooie kleertjes. 'Nu hij er is, ga ik ervan genieten'. Het is iets meer dan twee weken geleden dat ze afreisde naar Congo en haar Emile in het weeshuis van Kinshasa eindelijk echt in haar armen kon sluiten. Niet dat ze nog geen band hadden. Emile was voor Els Schelfhout bijzonder van toen ze hem de eerste keer zag. Of de eerste keer ontmoette, zoals ze zelf liever zegt. Omdat hij tussen al die lege blikken in het ziekenhuis wél blinkende ogen had. En onvermijdelijk onder haar huid kroop, om haar nooit meer los te laten.
Op onze vraag doet ze haar verhaal. Omdat de vragen toch komen. Hoe is dat kind hier plots gekomen? 'Dan vertel ik het liever zelf', zegt Els. 'Want plots is het natuurlijk wel. Met Matthijs, dertien jaar, Victor, twaalf jaar en onze uit Ethiopië geadopteerde dochter Cato, tien jaar, beschouwden wij ons gezin als compleet. De babyspullen waren opgeruimd. Emile is ons vierde kindje, waar we eigenlijk zelf niet meer op gerekend hadden.'
VERTEL EENS, WAAR HEB JE EMILE PRECIES ONTMOET?
Els Schelfhout: 'In een ziekenhuis in Kinshasa. In april van vorig jaar ben ik met een parlementaire delegatie naar Congo gereisd. Ik had wel wat Afrika-ervaring, maar was geschokt door de ellende in het land. Emile zag ik toen we in Kinshasa een ziekenhuis bezochten. Een ziekenhuis waar de Vlaamse zuster Angèle Verstraete een afdeling runt. Ze vangt doodzieke mensen op, die geen enkele andere uitweg meer hebben. En in de bedjes van zuster Angèle lag daar plots een baby heel pienter en geïnteresseerd te kijken. Met ogen waar wél nog lichtjes in brandden. Want dat is zo typisch aan de mensen in Congo: ze léven wel, maar in de diepte van hun ogen kan je niet meer kijken. Dus daar lag dat kind. Met zijn korte historiek. En zijn compleet gebrek aan toekomst. Ik had te veel schroom op hem op te pakken. Maar eigenlijk wilde ik dat wel.'
WAT WAS DIE HISTORIEK?
'Zijn mama was twee weken voordien gestorven aan een hartafwijking. Ze was alleen in het ziekenhuis aangekomen, zonder familie of iemand die een beetje voor haar zorgde. Over de vader was niets geweten. Die baby van vier maanden had niemand meer. Hij had zelfs geen naam. Dat is vaak zo in Afrika, omdat veel kinderen sterven voor ze een of twee jaar oud zijn. Zuster Angèle noemde hem Cadetje. En ik kon alleen maar denken: hoe ellendig kan je leven starten? Daarna heeft het me niet meer losgelaten. Ik stond op met Cadetje en ik ging ermee slapen.'
WANNEER KREEG JE HET PLAN OM HEM TE ADOPTEREN?
'Dat is zeer geleidelijk gekomen. Een tweetal weken na mijn thuiskomst heb ik contact opgenomen met zuster Angèle. Hoe gaat het met Cadetje? Kunnen we niets doen? Financieel steunen was toen de meest logische optie. Dus als iemand naar Kinshasa reisde, gaven we wat geld mee. Maar toen hoorde ik dat Cadetje naar het weeshuis was gebracht en ik ging weer verder denken. Wat is het lot van zo'n kind? Groeien, groot worden en uiteindelijk sterven. Daar komt het op neer. Dus toen ik in juni weer naar Kinshasa reisde, heb ik hem weer opgezocht. En toen wist ik: hij komt naar hier. We hebben vorig jaar de zestigste verjaardag van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens gevierd. Alle mensen zijn gelijk. Mooi hoor, maar zo is het niet. Sommigen beginnen met een achterstand die nooit meer in te halen is.'
WAREN ER TWIJFELS OF HIJ HIER ZOU GERAKEN?
'Natuurlijk. Ik heb er nachten van wakker gelegen. We hadden twijfels om twee redenen. Eerst de vraag: waar beginnen we toch aan? Ik heb vele diepe gesprekken gevoerd met mijn echtgenoot en met de kinderen. En als je de knoop dan doorhakt, komen de twijfels over de slaagkansen. Al hebben we er altijd in geloofd dat het zou lukken. Ons besluit was: we gaan zover als nodig is.'
HOE IS HIJ HIER UITEINDELIJK GERAAKT?
'We hebben eerst in Congo de voogdij aangevraagd. Dan heeft Emile met veel moeite een Congolees paspoort gekregen en konden we een visum voor humanitaire voogdij aanvragen. Nu hij in België is, kunnen we starten met de procedure voor vrije adoptie.'
Was je echtgenoot meteen bereid om Emile in het gezin op te nemen?
(lachend) 'Ja. Ik ben hem dankbaar. Want hij vertrok natuurlijk vanuit een heel ander uitgangspunt dan ik. Hij heeft niet gevoeld wat ik gevoeld heb. Ik denk zelfs dat hij blij was dat we uit de luiers en de buggy's waren. Het is niet vanzelfsprekend om dan opnieuw te beginnen. Maar ik merk nu al dat hij zijn zoon ongelooflijk graag ziet. Vorige week moest hij enkele dagen naar het buitenland, en voilà : hij had Emiles eerste voetbalpakje bij. (lacht) Weet je, we hebben veel gepraat, maar op een bepaald moment zei hij ook: wij hebben de keuze, in alles wat we doen. Hoe absurd is het dat wij kunnen kiezen over het leven en lot van een kind dat geen enkele keuze heeft?'
WAREN JULLIE ANDERE KINDEREN EVEN ENTHOUSIAST?
'Onmiddellijk, hoewel ik hen erop gewezen heb dat ook hun leven grondig zou veranderen. Maar het loopt goed. Het is zelfs schipperen tussen wie hem pap mag geven en wie hem uit zijn bedje mag halen. Emile is ook al helemaal gesteld op zijn broers en zus. Hij is in de kerstvakantie aangekomen. Hij is wat verweesd nu zij weer overdag naar school gaan.'
ALS IK HEM BEZIG ZIE, LIJKT HET ALSOF HIJ HIER AL VEEL LANGER IS. HIJ HEEFT ZICH WEL HEEL SNEL AANGEPAST.
'Ja, dat klopt. Hij heeft in zijn korte leventje gelukkig niet veel schade opgelopen. Hij is motorisch heel sterk. Hij is heel levendig en stapt bijna alleen. Hij is ook niet ondervoed. Hij is aan de kleine kant, maar acht kilo is goed voor een kindje van dertien maanden. Hij is ook zeer sociaal. Hij speelt graag, klapt in de handjes als hij muziek hoort. Hij is zeer goed ontwikkeld, en dat terwijl hij nooit gestimuleerd is geweest. In het weeshuis bleven de kindjes bijna de hele dag in bed. Spelen gebeurde nauwelijks. Ergens snap ik dat wel. De verzorgers zijn al blij als ze aan de primaire behoeften van de kindjes kunnen voldoen.'
IS EMILE HELEMAAL JOUW KIND?
'Ja! Absoluut. Helemaal. Dat was hij vanaf het moment dat ik hem de eerste keer uit zijn bedje heb getild. Daarna moest niemand hem nog pakken. Ik heb hem in het weeshuis opgezocht met zuster Angèle. Hij draaide zich om naar mij: ik was zijn mama.'
WAT IS JOUW GROOTSTE WENS VOOR EMILE?
'Heel banaal: dat hij gelukkig wordt. Dat hij opgroeit als een vrolijk en gelukkig kind. Dat willen we toch allemaal?'
WELKE REACTIES KRIJGEN JULLIE?
'De meeste mensen reageren positief. Sommigen begrijpen niet goed waar Emile plots vandaan komt. Andere mensen moeten jaren wachten op een adoptiekind, zeggen ze. Ik snap dat wel. Maar dit verhaal is bijzonder. En wij hebben al een adoptiekindje, wij kénnen de procedure en weten dat het lang wachten is. En als mensen cynisch doen en zeggen dat het fundamenteel toch niets uithaalt, dan zeg ik: ik weet het hoor. Het is een druppel in de oceaan. Maar voor degene die de druppel krijgt, is het wel de oceaan. En ik laat Congo niet los. Zowel privé als als politicus wil ik me blijven inzetten voor dat land.'
TOT SLOT. DE PROCEDURE WORDT NU OPGESTART. IS ER KANS DAT HET NOG FOUT LOOPT?
(fel) 'Neen! Neen. Neen. Dit kindje laat ik nooit terug naar Congo gaan. Tenzij dan op vakantie.'
Interview: Annelies Rutten
Het Nieuwsblad, 10-1-2009